23 juni 2017
Dansk Dynasty Pointers

Headertekst


 
 
 
Pointer Engelse Pointer 2 juli 2014
 

 

Geschiedenis English Pointer

De Engelse Pointer behoort tot de Rasgroep "Staande Jachthonden, Spaniels en Retrievers.
De tot de elegantste, krachtigste, snelste van alle rassen van voorstaande honden,
behoort ongetwijfeld de Pointer, een van oorsprong Spaans ras, dat in Engeland tot in de perfectie is gefokt.

Het ras dankt zijn naam aan zowel de Spaanse betiteling voor Staande honden "Perro da Puenta" (honden die iets aanwijzen),
als aan het Engelse "to point" dat ook aanwijzen betekent.

Een specialist voor het staande werk.
Bedoeld om veerwild voor te staan.
Gebouwd om snel te kunnen galopperen en dit langere tijd vol te houden.

Daardoor zijn ze in staat een bijzonder groot terrein af te zoeken.
Altijd wit met donkere aftekening, wat hen op grote afstand nog goed zichtbaar maakt.

De hoge kophouding en bouw van de neus zijn gericht op het opvangen van verwaaiing.
De pointer wordt in ons land weinig gebruikt omdat de velden hier meestal te klein zijn.
De Spaanse Pointer was een zware hond met een zogenaamde dubbele neus,
die bij het aantrekken op het wild meer een kruipende dan een lopende gang vertoonde, gelijkend op de gang van een schildpad.

De Engelse jager verlangde een snellere hond en de vanuit Spanje en Frankrijk geïmporteerde honden
werden met de veel snellere en lichter gebouwde Foxhounds gekruist.

Colonel Thorton was een van de eersten, die omstreeks 1750 deze "outcross" toepaste.
Hieruit ontstond een stam van snelle, zeer betrouwbare Pointers met krachtige benen en zeer goede voeten.
Vooral aan de krachtige voeten met stevige zoolballen hechtte men grote waarde, zelfs nog meer dan aan een sterke lendenpartij.
Deskundigen in die dagen beweerden, dat jachthonden met goede voeten en wat zwakkere lendenen het beter volhielden,
dan hun collega's met sterke lendenen en minder goede voeten.

Het inkruisen met Foxhounds duurde tot ongeveer 1815.
In een later stadium ging men over de op deze wijze verkregen stammen -die streng gescheiden waren -met elkaar te kruisen,
met de bedoeling optimaal werkende honden te verkrijgen,
die het veld snel en regelmatig afzochten met hoge neushouding en op de juiste wijze de haken sloegen, dat wil zeggen tegen de wind in.

Over het algemeen werkten de honden in koppels en wanneer de ene hond een verwaaiing had opgenomen en roerloos bleef staan,
wachtte de andere hond het verdere verloop rustig af.

Tot de beroemdste honden in die periode behoorde Drake, een tamelijk grote, onopvallende hond,
die in het jachtveld een geheel ander beeld vertoonde.

Men beweerde dat hij met een snelheid van wel 50 mijlen per uur plotseling als uit marmer gehouwen stilstond
in een wolk van stof en zand, wanneer hij verwaaiing opnam.

De verschillende stammen vertoonden weinig eenheid in type. Dit ging veranderen met de komst van het tentoonstellingswezen.
Merkwaardig genoeg waren de beide eerste tentoonstellingen,
de een in Birmingham en de andere in Tervueren bij Brussel, uitgeschreven voor Pointers en Setters.

Vooral de Pointers vertoonden veel verschillen in schofthoogte en men stelde derhalve klassen in voor grote en kleine honden.
Wat de kruising met Foxhounds betreft, was men de mening toegedaan dat deze absoluut noodzakelijk was
om een goede bouw met krachtige benen en botten en uithoudingsvermogen te garanderen.

W. Arkwright, de bekende auteur van het standaardwerk over het ras "The Pointer and his predecessors" uit 1902,
had een geheel andere opvatting over de Pointer en wilde van inkruising met Foxhonds aanvankelijk niets weten.
In het noorden van Engeland ontdekte hij een oud ras van hoofdzakelijk zwarte,
lichtgebouwde snelle honden, die gedurende een lange tijd door drie of vier generaties Pape uit Carlisle waren gefokt.
Deze honden blonken uit op veldwedstrijden. De herkomst van deze stam, die verdacht werd van inkruising met Greyhounds, is onbekend.
Overigens werd dit vermoeden door bepaalde fokkers ernstig betwijfeld omdat Greyhounds op het oog jagen en Pointers op de neus.
In een later stadium heeft Arkwright ingekruist met een stam, die erom bekend stond dat er Foxhound-bloed was ingekruist.

Met name de "lemon and whites" zouden ontstaan zijn door de combinatie van Pointer en een lemonbonte Foxhound.
Ook de lengte van de haren van de gekleurde platen en vlekken die iets meer bedraagt dan die van de witte haren,
Bij de wat kleinere Pointers op het continent, treffen we het "dishfaced" hoofd nog veel aan.

De Pointer is een symmetrisch en harmonisch gebouwde hond met edele lijnen.
Hij is snel, heeft een goed uithoudingsvermogen en een vriendelijke manier van doen.

Hoofd: het edele kenmerk van het ras. Gematigd brede schedel in verhouding tot de neuslengte.
Uitgesproken stop en achterhoofdsknobbel.
De neusrug moet in verhouding tot de schedel omhoog gericht zijn, een zgn. dish face,
waardoor het ras het kenmerkende profiel krijgt. De neusspiegel en de oogranden zijn donker; lichter bij de geelwitte honden.

Ogen: goed uit elkaar staand, nootbruin of bruin, afhankelijk van de vachtkleur, vriendelijke blik.
Oren: dun, gematigd lang, vrij hoog aangezet. Ze moeten dicht tegen het hoofd liggen
Gebit: schaargebit.
Hals: lang, droog, gespierd, en licht gewelfd.
Lichaam: ruime borstkas van goede lengte en met goed gewelfde ribben, korte lendenpartij,
breed geplaatste heupbeenderen, die uitsteken maar niet boven de ruglijn mogen uitkomen.
Ledematen: lange, goed naar achteren liggende schouders.
Rechte voorbenen met sterke botten, veerkrachtige voormiddenvoet.
Goede hoeking van knie- en spronggewrichten, evenwijdige achterbenen, goed bespierde dijbenen.
Voeten: ovaal, goed gesloten, met sterke voetzolen.
Staart: gematigd lang, wordt in het verlengde van de ruglijn gedragen, nooit boven de ruglijn. Goed behaard.
Tijdens het werk kwispelend.
Gangwerk: licht, wijd uitgrijpende passen, ruim grond nemend.
Hoge bewegingen van de voorbenen is een ernstige fout.
Vacht: gelijkmatige beharing op het lichaam, korte, fijne, harde en gladde ondervacht.
Kleur: wit en geel, wit en leverkleurig, wit en zwart. Ook driekleurig is toegestaan.
Schofthoogte: reu 63-69 cm, teef 61-66 cm.

Pointer aan het Werk

 

 

 

 

 

Adrilank's Webontwerp  © Dansk Dynasty Pointers      Powered by Dutch CMS
English
English
Llike us on Facebook.com Nederlands
Nederlands